Vroeg uit de veren om de lange afstand naar Volterra af te leggen. De afstand op zich lijkt niet zo onoverkomelijk: 125 km. Alleen wordt er niet echt snel op de autosnelweg gereden. Je krijgt twee stroken: één volledig voor camions, zo lijkt het, en de andere voor auto’s. Daarenboven zijn de stroken zo smal en heeft de weg veel serieuze bochten en tunnels dat je bijna bang bent om autosnelwegsnelheden te halen. Na dat gedeelte weg rijd je op secundaire wegen die kronkelen en waar de gemiddelde snelheid rond de 30 à 50 km max ligt. Over 125 km doe je dus langer dan verwacht.
Maar Volterra is het meer dan waard. Volterra heeft nog een authentieke omwalling. Naar Volterra ga je om allerlei redenen. Het stadje staat bekend om zijn verwerking van alabaster (deze grondstof is zachter dan marmer) en daar worden mooie dingen mee gemaakt. We hebben ons een paardje aangeschaft. Het is ook een middeleeuwse stad en dat merk je aan alle gebouwen: huizen, kerken, het oudste stadhuis (1208) van Italië. De ligging is op een plateau op een berg, waardoor de wind vrij spel heeft en zo hebben we het graag. Zo voelen die 30 graden echt minder warm aan.
Na de lunch en de laatste musea gezien te hebben (over hoe ze met de doden omgingen en in urnes plaatsten en stukken uit de religie van honderden jaren geleden) reden we om 15 uur weg van Volterra, een beetje met spijt in het hart. Maar we hadden het allemaal gezien.
San Gimignano ligt 30 km dichter naar onze camping toe. Ook ligt deze middeleeuwse stad op een plateau in de bergen. De stad telt nog 13 torens van de 75 die er ooit waren. De torens waren een machtsvertoon van de rijkelui. Het stadje ademt een andere sfeer uit dan Volterra. Druk, veel toeristen. Ja, dat vooral. Maar dat wisten we op voorhand. Er was trouwens diezelfde avond een optreden voorzien op het marktplein. Daarvoor konden we niet blijven omdat we nog meer als een uur naar onze camping rijden moesten en het wordt hier heel snel donker.
De avond valt en we zijn moe, erg moe. Zonder enig besef moeten we toch vele kilometers onder onze voeten weggestapt hebben. Ook het vake klimmen en dalen heeft zo z’n gevolgen voor de rug en voeten. Maar laten we vooral niet klagen. We hebben heel veel gezien en we vonden het mooi. Ideale plaatsen om het echte Toscane te ondervinden en voelen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten